|
Herinneringen van Jan Kusters |
|||
| ‘Je kunt nog zo hard lopen, het water loopt altijd harder’ | |||
| (Interview De Gelderlander, 31 december 2005) | |||
|
Johan Kusters uit Dreumel was
dertien jaar ten tijde van de ramp. Hij heeft in die dagen nog met een boot
door de straten van zijn dorp gevaren. Nadat het water weg was bleef er een
grote ravage over. Mijn eerste boottochtje ging vanaf de kerk via De Steeg (de Heersteeg, een veldweg die later de Van Heemstraweg werd – Red.) naar huis. Dit was het laagste gedeelte dat het eerst bevaarbaar was. Foto paarden Ook heb ik nog geholpen om paarden en koeien naar de dijk te brengen. Die liepen achter de roeiboot aan. |
|
||
|
Jan Kusters |
|||
| Later zijn we naar Den Bosch geëvacueerd. Eerst naar de Isabellakazerne en vervolgens naar het Sint-Jozefgesticht waar weeskinderen verbleven. | |||
|
|||
|
Toen ik in Dreumel terugkwam, was het water weliswaar weg, maar de ravage was groot. Ook ons huis had schade opgelopen, maar het stond er tenminste nog. Veel mensen hadden geen huis meer. Het had gevroren en van de bomen waren veel takken afgebroken. Alles was één blubberzooi. De daklozen hadden hun toevlucht aan de hoger gelegen dijk gezocht, bij mensen die nog wel een onderkomen hadden. Kort daarna werden houten noodwoningen gebouwd. Sommige waren twee onder een kap. Ik weet nog dat het hout daarvoor op D’n Bol werd gelost. Later zijn er watersnoodwoningen gebouwd, onder andere in de Hofhooistraat, de Hogeweg en in de Oude Maasdijk. In totaal een stuk of honderd. Mijn kleindochter woont in een van de twee watersnoodwoningen in de Bemerdweg. In 1995 ben ik voor de tweede keer geëvacueerd, dit keer naar het Autotron in Rosmalen. Ik had er wel begrip voor, want de dijk had gemakkelijk kunnen doorbreken. En als je blijft heb je één probleem: je kunt nóg zo hard lopen, het water loopt harder. " |
|||
|
|
|||
|
|
|||